Drie leden uit de wijkgemeente Schenkel, die het samen-op-wegproces 25 jaar geleden hebben meegemaakt doen hieronder hun verhaal.
Gertjan Sonneveld
‘25 jaar geleden kwamen twee wijkgemeenten bij elkaar, om samen verder te gaan als Schenkelkerk. Twee wijken die één gemeente zijn geworden, de mensen hebben zich verenigd, hebben zich verbonden met elkaar. Waarom eigenlijk? Samen kun je meer bereiken, voorkom je dat er dingen dubbel worden gedaan, zijn de kosten lager, dat is zeker allemaal waar. Maar toch, er is meer, veel meer! Het blijkt dat we één zijn geworden, één familie, broers en zussen die allemaal één en dezelfde Vader hebben, een God die voor ons zorgt, die wij liefhebben. Wij willen Hem eren in: samen vieren, bidden, praten, doen, in een warm welkom voor iedereen, in zorg voor elkaar, in aandacht voor onze buurt, in laten zien dat wij bij Hém horen. Zo mag de Schenkelkerk al 25 jaar een open deur zijn en dat nog meer worden. Zo mogen wij samen geloven in Schenkel. Zo kunnen we samen verder.’
Tineke Keuzenkamp
‘In 1990 zijn Ger en ik aan de Beltmolen in de wijk Schenkel komen wonen. Al snel waren we regelmatige bezoekers van de Immanuelkerk. De Immanuelkerk was een mooi kerkje, met een klein balkon en mooie raamdecoraties. Naast de kerkzaal waren er een kleine consistorie en een vergaderzaal. In die tijd hadden we veel kleine kinderen binnen de kerk en huurden we aan de overkant van de straat in het oude schooltje ruimte voor de crèche. De predikant in die tijd was ds. Jan van Andel. Al snel (in 1991) kwam ds. Teun Vrolijk.
Ergens begin jaren negentig ben ik in de Immanuelkerk begonnen als diaken. In 1992 is onze Jeroen geboren. Hij werd door Teun Vrolijk gedoopt. Ik weet nog dat we een keer een kerkenraadsvergadering hadden. Ger kon niet op tijd thuis zijn om op Jeroen te passen. Toen heeft Jeroen in de Maxi-Cosi in de consistorie gestaan, terwijl wij aan het vergaderen waren.
In mijn tijd als voorzitter van de kerkenraad kwam de vraag naar het samengaan met de Goede Herderkerk naar voren. Wat we in het begin van dit proces bewust hebben gedaan, is het mogelijk maken van zoveel mogelijk ontmoetingsmomenten om met elkaar over het samengaan in gesprek te gaan. Zo hadden we in die jaren gezamenlijke diensten (om en om in beide kerken) en vergaderden de kerkenraden zo nu en dan gezamenlijk. Ook waren er gezamenlijke gemeenteavonden. Allemaal manieren om aan elkaar te wennen. Het waren wijken met duidelijk verschillende culturen. In mijn beleving was de Goede Herderkerk een stuk formeler dan de Immanuelkerk. Dominee Zonneveld stond in de Goede Herderkerk en dat vond ik altijd een erg formele man.
‘Van het begin van het proces om samen te gaan, kan ik me nog twee beelden van mannen van die tijd herinneren, die ik graag met u wil delen. Helaas leven beide mannen niet meer.
Het eerste beeld gaat over de gereformeerde tak en wel over iemand die aan de wieg had gestaan van de Immanuelkerk. Ik weet helaas zijn naam niet meer. Hij wilde niet dat we de Immanuelkerk zouden prijsgeven. Hij kwam bij mij thuis en had een plakboek bij zich. In het plakboek waren foto’s en krantenartikelen opgenomen van de bouw van de Immanuelkerk in 1952/53. De oude gereformeerde kerk aan de Bermweg was in 1944 vrijgemaakt en de gemeenteleden die zich hierin niet konden vinden, hadden geen eigen kerkgebouw meer. Omdathet ledenaantal van de gereformeerde kerk groeide werd in 1952 aan de Freesiastraat met de kerkbouw begonnen (bron gereformeerdekerken.info). Deze betrekkelijk kleine kerk werd vanaf 1968 Immanuelkerk genoemd. Deze kerk was mogelijk gemaakt door de gemeenteleden zelf en iedereen was zeer gehecht aan het gebouw. Het kon in zijn beleving niet bestaan dat ze nu deze kerk zouden verlaten door het samengaan met de Goede Herderkerk.
Het tweede beeld gaat over de hervormde tak en wel over de heer Breedijk. De eerste paal voor deze kerk werd geslagen in mei 1962 en op 23 december 1963 kon de kerk door de gemeente in gebruik genomen worden (bron reliwiki.nl). Omdat de kerk een schaapskooi verbeeldde kreeg ze de naam Goede Herderkerk. Boven de hoofdingang van de kerk kan men dit ook afgebeeld zien: de Goede Herder beschermt de schapen tegen een boze wolf, het kwade. Het beeld van de heer Breedijk in mijn geheugen is als volgt: Hij stond tijdens een gemeenteavond op en stak zijn vinger waarschuwend omhoog en sprak met stemverheffing en emotie: in 1834 zijn jullie bij ons weggelopen, maar jullie zijn van harte welkom om weer bij ons terug te keren! Deze tekst leek in te houden dat de gereformeerden zich weer konden voegen naar de Hervormde leer. Maar gelukkig werd het Samen-Op-Wegproces gebaseerd op basis van gelijkwaardigheid.’
‘Het was dus best even spannend welke kerk het zou worden. Maar een commissie van wijze gemeenteleden had een financieel en bouwkundig onderzoek gedaan naar de meest geschikte kerk en daar kwam overduidelijk de Goede Herderkerk uit. Eerlijk gezegd kan ik me geen heftige strijd over het kerkgebouw herinneren. Kennelijk was het resultaat van het onderzoek overtuigend. In mijn gevoel zijn we op een goede en natuurlijke manier naar elkaar toegegroeid en is de Schenkelkerk ontstaan. De naam was de uitkomst van een prijsvraag en werd door mevrouw Van Andel bedacht. Op internet (bron reliwiki.nl) is dit als volgt verwoord: “Hervormden en gereformeerden zochten elkaar op en vonden elkaar. Er werd, na overleg, deze kerk gekozen als gezamenlijk Godshuis. Na een grondige renovatie kon dit bedehuis op 18 maart 2001 in gebruik worden genomen en men gaf het de naam Schenkelkerk omdat het gebouw centraal staat in de Capelse wijk Schenkel”.’
Digna Taal
‘Vijfentwintig jaar geleden zijn we Samen-Op-Weg verder gegaan in de Schenkelkerk. Een fijn opgeknapte kerk waar we ons allemaal thuis voelen. Naast de diensten die we elke zondag vieren zijn de diverse activiteiten buiten de kerkdiensten ook belangrijk. Daar ontmoeten we elkaar bijvoorbeeld bij het Paasontbijt. Werken we samen rond de Schenkelmarkt om het tot twee leuke dagen te maken. Eind augustus is dat in de wijk een hele happening waarbij wij als Schenkelkerk ons laten zien met o.a. poffertjes en het rad van avontuur. De onderlinge contacten en de gezelligheid tijdens deze dagen zijn ook heel belangrijk. Bij de Winterfair staat de kerk open met vele tafels waar van alles te koop is. Ook bakken en verkopen we dan de eerste oliebollen en op 30 december gaan we in de herkansing. Belangrijk is het onderlinge contact. Zo kunnen we samen verder.’
Samenstelling: Joukje van der Kaade