Als je mij vraagt naar een favoriete theoloog kom ik uit bij Erik Borgman (1957). Borgman is een spraakmakende katholieke theoloog. Hij is hoogleraar Publieke Theologie aan de Universiteit van Tilburg. Het gaat hem om ‘het publieke belang van religie en christendom’, zoals in de ondertitel van een van zijn boeken staat. Borgman zoekt naar wat er op onze plek in de wereld van Gods kant naar ons toekomt. Allereerst als gave (genade) van God en dan ook als onze opdracht. Het geloof dat God bij de mensen woont en iedereen uitnodigt voor zijn toekomst, wil Borgman middenin de samenleving ter sprake brengen.

De drive van een Dominicaan

Als leek heeft Borgman zich verbonden met de orde van de Dominicanen, die ‘gespecialiseerd’ zijn in preken. Vorig jaar heeft hij een selectie gemaakt uit zijn preken en artikelen voor het boek Zielen winnen; Op zoek naar kerk buiten de gebaande paden (2017). Daarin wordt duidelijk hoe hij zich in zijn zoeken naar God in onze tijd laat leiden door bijbelteksten en de persoon van Jezus. De bijbelse boodschap van God die mens wordt in Jezus Christus brengt hem in zijn zoeken naar God niet alleen middenin de samenleving, maar juist ook bij de mensen aan de rand en bij de pijn van de wereld. Daar laat Jezus zich ontmoeten.

Aan het eind van het boek Leven van wat komt; Een katholiek uitzicht op de samenleving (ook uit 2017) schrijft Borgman: ‘Naar christelijke overtuiging rijst God niet boven de wirwar van de werkelijkheid uit, maar daalt God af in de rommeligheid en tegenstrijdigheden van de wereld, tot op de bodem van het geweld en de pijn. Dit is wat zichtbaar wordt in het leven, het lijden en de dood van Jezus van Nazareth.’ Juist in wat wij verwerpen als waardeloos, verbergt God zich: ‘opdat daaruit de vernieuwing ontstaat die onze wereld tot haar bestemming brengt en waar niemand en niets van wordt uitgesloten, ook niet wat waardeloos wordt geacht of zichzelf als waardeloos beschouwt.’ Vanuit dit geloof laat Borgman je hoopvol meekijken naar vreemdelingen, politiek, ecologie, onderwijs, economie en kerk. Paus Franciscus is daarbij telkens een verrassende eye-opener.

Waar blijft de kerk?

Uit de ‘impasse’ waarin de kerk zit, komen we volgens Borgman niet met onze plannen en doelstellingen. De kerk maakt nog altijd iets zichtbaar wat allang zo ís en wat zich telkens weer aandient. De kerk laat zien dat wij met al onze menselijke verschillen met God verbonden zijn en met elkaar. Hier laat God zien dat Hij bij ons is, naar ons toekomt. Wat ons en alle mensen draagt is Gods liefde. Hoe kunnen we die liefde ontvangen en doorgeven? Hoe kan de kerk een plek zijn waar je elkaar opvangt, in het geloof dat God met ons op weg gaat? Dat zijn de vragen voor de kerk van de toekomst. Borgman bespreekt ze in zijn boek Waar blijft de kerk; Gedachten over opbouw in tijden van afbraak (2015).

Leven van wat komt

Zo wil Borgman ook naar ons leven in de wereld kijken. Het leven is geen project dat je zelf moet zien te plannen en uitvoeren. Het komt naar je toe, het wordt je gegeven, en zo doet het in allerlei situaties een appèl op je. Daarin komt Gód naar je toe, geeft Gód je het leven en doet zijn liefde een appèl op je. En daar kun je op in gaan. ‘Leven van wat komt’, noemt Borgman dat. De wereld kun je zien als een uitnodiging om op in te gaan. Om in relatie te treden. Daarin doet God iets met ons. En Hij wil in alle omstandigheden het goede voor ons.

Dat geldt ook in maatschappelijke vraagstukken die op ons afkomen, bijvoorbeeld rond vreemdelingen en het milieu. Voordat wij hier iets aan kunnen doen, kunnen we ons afvragen wat hierin naar ons toekomt van God en wat dit aan ons doet. We moeten er niet boven gaan staan, om het ‘op te lossen’, maar er ín gaan staan, onze plaats daarin zoeken, zegt Borgman. Wat ontvangen wij van God met de komst van vluchtelingen? Hoe kunnen we zijn barmhartigheid aan hen doorgeven? Hoe wordt er in de ecologische crisis een appèl op ons gedaan om zorgvuldig om te gaan met Gods schepping?

Leven van genade

Stemt het niet hoopvol, dat ook te midden van alle doemscenario’s het goede leven een appèl op ons blijft doen? Met onze wereld zijn we blijkbaar toch in een beweging naar het goede opgenomen. Deze hoop draagt ons allemaal, niet alleen wie het lukt om hoop te houden. Ook voor wie het niet volhouden, juist voor wie het niet redden, is er hoop. Omdat we leven van Gods genade. Leven van wat komt, is leven van genade. Wat dat is, kun je horen in de kerk en zien in hoe mensen over en weer voor elkaar zorgen: thuis, bij de voedselbank, in het ziekenhuis, in de buurt.

Dat Borgman op deze manier kijkt, leeft en redeneert, maakt hem voor mij een favoriete theoloog. Dat komt omdat het past bij hoe ik zelf in elkaar zit, leef, geloof, werk en denk. Maar Borgman lezen helpt mij om ook daadwerkelijk te delen in ‘de vreugde en de hoop, het verdriet en de angst van de mensen van vandaag’ en om daarin ‘de tekenen van de aanwezigheid van God en
van zijn plannen’ te zien. Hoe Borgman aan de slag gaat met deze formuleringen van het Tweede Vaticaans Concilie (1962-1965) geeft een voor protestanten herkenbaar én verrassend katholiek uitzicht voor alle mensen.

Gerben van Manen