Het winterwerk is begonnen. Binnen de kerk een periode waarin veel activiteiten plaatsvinden. Ten diepste is het God Zelf Die Zijn koninkrijk bouwt. Maar wel met inschakeling van mensen zoals Jezus in de gelijkenis van de talenten duidelijk maakt. Ter overweging (meditatie) puntsgewijs enkele gedachten, in de hoop dat we worden aangevuurd om trouw te zijn in het dienen van de Heere.

* De gelijkenis staat in het kader van Jezus’ onderwijs over de laatste dingen (Mattéüs 24 en 25). Dat maakt de boodschap extra klemmend. Er valt tijdens ons leven een beslissing die eeuwigheidsconsequenties heeft. Omdat God ons serieus neemt, moeten we ons leven eenmaal tegenover Hem verantwoorden. De vraag is of wij op onze beurt God serieus nemen?

* Het Koninkrijk der hemelen wordt in deze gelijkenis vergeleken met een heer die op reis gaat. Het beheer over zijn bezit vertrouwt hij toe aan zijn knechten. Dat is meteen al iets om ons over te verwonderen. Met die heer wordt God Zelf bedoeld. Hij legt nota bene Zijn zaak in handen van mensen neer. Onbegrijpelijk! Wij hebben immers onze tekorten en beperkingen. Maar al te vaak lopen wij God in de weg. Hij zou Zijn werk ook zonder ons kunnen verrichten. Toch wil Hij kennelijk mensen gebruiken.

* Een lastige vraag is wat Jezus met die talenten bedoelt. Natuurlijke gaven? Bepaalde capaciteiten? Of geestelijke gaven? Of een combinatie van beide? Een verrassende uitleg geeft prof. dr. J.P. Versteeg: het gaat in de talenten om verantwoordelijkheden.
En …. verantwoordelijkheden heeft ieder mens. Ook als je zelf denkt geen talenten te hebben, heb je wel verantwoordelijkheden. Binnen je gezin en familie, op je werk, op school en in je studie, en ook in de gemeente.

* Opvallend is het verschil in aantal talenten. De een krijgt vijf talenten in beheer, een ander twee, en een derde één. Volgens de tekst wordt er rekening gehouden met ieders bekwaamheid. Een mooi en ook bemoedigend detail. De een kan nu eenmaal meer aan dan de ander. Blijkbaar houdt God daar rekening mee. Laten we niet te veel naar anderen kijken … Je kunt je laten opjagen door een vriendin die er zoveel naast doet. Of door iemand in de gemeente die overal op en in zit (of dát goed is, is nog maar de vraag …). Jij zou het in elk geval niet kunnen omdat je ook rust nodig hebt. We kunnen te veel van onszelf eisen terwijl het niet hoeft.

* Immers: de Heere overvraagt ons niet. Hij weet precies wat we aan kunnen. En soms is dat meer dan we zelf denken. Vandaar dat je geroepen kunt worden tot een taak waar je vanuit jezelf nooit aan begonnen zou zijn. Als ambtsdrager. Of in het jeugd- of toerustingswerk. Je kon er niet onder uit omdat God riep. En nu blijkt het in Zijn kracht nog te gaan ook.

* Er is dus onderscheid in het aantal talenten. Maar daar valt niet de nadruk op in de gelijkenis. De kernvraag is wat we met onze talenten (verantwoordelijkheden) doen? Ben ik trouw? Als ouder in het gezin? Ga ik mijn kinderen voor in het leven met God? Ben ik betrouwbaar op mijn werk? Zet ik me in als leerling of student?

Weet ik mijn plaats in de gemeente? En dat behoeft niet per se een speciale taak te zijn. Je kunt ook veel betekenen in de voorbede (zelfs als hoogbejaarde).

* Die ene knecht begraaft helaas zijn talent. Waarom? Hij kent geen liefde voor zijn meester. Hij wordt een boze en luie dienstknecht genoemd. Hem wacht de buitenste duisternis. Wat aangrijpend! Terwijl die andere twee mogen ingaan in de vreugde van hun heer. Wat een verschil! Zij worden als goede en trouwe dienstknechten aan-gesproken. Zijn wij trouw? Een indringen- de vraag met het oog op de wederkomst van Christus.

* Trouw zijn we nooit in onszelf. Alleen in Hem Die de gelijkenis vertelt. Híj heeft Zijn verantwoordelijkheid verstaan als geen ander. Als Redder is Hij tot het uiterste (het kruis!) gegaan. Alleen in Zijn trouw worden wij trouw bevonden. Hoe meer de geloofsverbondenheid met Christus leeft, des te vruchtbaarder we voor het koninkrijk van God zullen zijn. Laat deze gelijkenis ons aansporen tot een toegewijd leven. Het geheim daarvan ligt in het gebed:

Neem mijn leven, laat het Heer,
toegewijd zijn aan Uw eer.
Maak mijn uren en mijn tijd
tot Uw lof en dienst bereid.

J.C. Schuurman