Als u nu met Christus uit de dood bent opgewekt, streef dan naar wat boven is, waar Christus zit aan de rechterhand van God. Richt u op wat boven is, niet wat op aarde is. U bent immers gestorven, en uw leven ligt met Christus verborgen in God. (Kolossenzen 3:1-4)

Een dominee genoot eens heerlijk van een maandagmiddag met een goed boek, toen er ineens werd aangebeld. Voor de deur stond een hijgende, onbekende man die zei: ‘kom snel, er is haast bij.’ De dominee vroeg: ‘wat is er aan de hand?’ ‘Nou, de familie De Groot heeft huurachterstand en ze dreigen binnen nu en een uur uit hun huis te worden gezet als er niet wordt betaald en ik dacht: misschien kan de kerk helpen.’ De dominee zei: ‘ik zorg dat ik wat meeneem en verreken het later wel met de diakenen. Maar, wat hebt u er eigenlijk mee te maken?’ ‘Nou, zei de man, ik ben de verhuurder.’

De grap in dit verhaal zit hem in het gat dat er zit in het relaas van de man aan de deur. Hij is degene die het probleem met de familie De Groot op zou kunnen lossen door de uithuiszetting niet te laten gebeuren, maar in plaats daarvan krijgt hij het in zijn hoofd niet bij elkaar: hij vind enerzijds dat het gezin geholpen moeten worden en ziet er een rol voor de kerk, maar wil aan de andere kant ook gewoon zijn geld hebben.

Nu klinkt dit misschien op het eerste gezicht absurd, maar eerlijk gezegd denk ik dat er in ons idee van de werkelijkheid best vaak zo’n gat zit. Tussen wat we vinden of geloven en wat we ook daadwerkelijk doen. Of tussen wat we vinden hoe de wereld er uit zou moeten zien en onze eigen bijdrage daaraan. Daarom zijn we tegen kinderarbeid, maar dragen we wel kleding waar we niet de moeite voor hebben gedaan er achter te komen hoe die is geproduceerd. Daarom vinden we het een schande dat er een voedselbank is in ons land met onze welvaart, maar praten we er nauwelijks over wat we er aan zouden kunnen doen om deze op een dag overbodig te maken. Of: daarom lijnen we en gaan we naar de sportschool, maar zeggen we wel dat het ons om het karakter en de binnenkant gaat van de mensen in ons leven.

Onze meningen en idealen komen vaak genoeg niet overeen met de keuzes die we maken of wat we uiteindelijk doen. Wat mij betreft is er één iemand die zulke gaten blijvend heeft gedicht: Jezus. Als hij naar Jeruzalem gaat, zien we om hem heen voortdurend de gaten vallen. Petrus ziet zichzelf als de meest trouwe discipel, maar laat Jezus in de steek. Pilatus wil geen onschuldig mens veroordelen, maar alsnog wordt Jezus gemarteld en gekruisigd. Leiders van het volk hebben hun leven gewijd aan rechtvaardigheid en trouw aan de Tora, en tegelijkertijd vinden ze het beter dat één man sterft. In Jezus weg naar het kruis is het allemaal open en bloot komen te liggen. Al de onmacht, angst, zonde.

Maar: Jezus staat op tot een nieuw leven. En met hem allen die zich zo aan hem verbonden weten dat het gat tussen God en mens door hem en in hem is gedicht. Dit is wat we verzoening noemen. Iets om stil bij te staan of stil van te worden. Het kan je tot in het diepst van je ziel raken. Bevrijd van machteloosheid doordat God precies bleek te passen in het gat in je hart.

Tegelijkertijd kan ook dit ironisch genoeg weer een nieuw gat veroorzaken in je leven. Mensen buiten de kerk knappen het meest af op christenen als zij wel vol zijn van de vergeving van God, maar het verder geen gevolgen lijkt te hebben voor de manier waarop ze in het leven staan. Geloof als een theoretisch concept, wat wordt bezongen, beleden en gepreekt, maar niet merkbaar is in het handelen. Of als de kerkdienst een manier wordt om je bevrijd te voelen van wat op je geweten drukt, maar het je niet blijvend verandert in wat je denkt, zegt en doet. Het mooie van het gedeelte uit de brief aan de Kolossenzen is dat er zo’n sterk paasgeloof in doorklinkt. Ja, we zijn met Christus opgestaan en ja, we kunnen veranderen. We worden opgeroepen te streven naar dat wat van God komt, want ons leven ligt met Christus verborgen in God. Door Pasen kan het gat in ons leven worden gedicht en mogen ook wij mens uit één stuk worden.

Ds. Ruben Schep