Als er rond mijn grootouders iets te vieren viel, kwamen we als familie samen in zalencentrum ‘Eltheto’ in Veenendaal. Ik kwam daar als kind met de familie van zowel mijn vaders als mijn moeders kant. Met de familie Van Manen hadden we daar ook jaarlijks een kerstdiner. En ik hoor mijn oom het nog voorlezen aan tafel, ieder jaar op dezelfde, plechtig vertrouwde toon: ‘En het geschiedde in diezelve dagen, dat er een gebod uitging van de keizer Augustus’ (…) ‘En zij baarde haar eerstgeboren Zoon en wond hem in doeken en legde Hem neder in de kribbe, omdat voor henlieden geen plaats was in de herberg’.

In Amsterdam-Oost leefden we met ons gezin mee met de gemeente rond de Elthetokerk. Daar kon het je niet ontgaan wat ‘Eltheto’ betekent: ‘Laat het komen!’ Ik hoor het ons nog zingen, na iedere voorbede: ‘Heer, hoor ons bidden, laat komen uw rijk’. Het Griekse woord eltheto komt uit het Onze Vader: ‘Laat uw koninkrijk komen’. In de adventsmaand springt die bede er weer extra uit. Advent is Latijn voor ‘komst’. In het Latijn bid je: Adveniat regnum tuum. Advent komt dus uit het Onze Vader. We verwachten iets dat komt. En Jezus leert ons erom bidden: ‘Laat het nou toch komen!’

Maar wat kun je dan nog verwachten? Wat zou er na alles wat er in de geschiedenis op onze planeet al is vergáán, nog kunnen kómen?

Mijn theologische vraagbaak Kornelis Heiko Miskotte beschreef precies een eeuw geleden, in november 1919, in het studentenblad Eltheto het machteloze gevoel dat ons als christenen kan overvallen: ‘in geen geval daagt er uitkomst van de zijde, waar Jezus wordt aanbeden. De wereld glijdt, schuurt, botst, alsof er niets gebeurd is. (…) Wij slapen van droefheid’.

Hoe kunnen wij dan toch nog Gods koninkrijk blijven verwachten? Door elke dag al Kerst te vieren: dat het ís gekomen. Dat het al is begonnen te gebeuren: het geschiedde, in die dagen, van keizer Augustus… Toen is er ergens een Joodse jongen geboren voor wie geen plek was. Sindsdien leren we de toekomst waar we op hopen niet langer te verwachten van welke keizer of president dan ook, maar van Hem. Zolang we Jezus, de Mensenzoon, verwachten in ons leven, in deze wereld, zijn wij mensen van de toekomst: van ‘vrede op aarde, in de mensen een welbehagen’. Maar dat gaat dus echt niet vanzelf. We gaan er ieder jaar in december een maand lang voor op cursus.

ds. Gerben van Manen