Een sober monument in Wigtown, Zuid Schotland. De plek waar Margaret McLaghlan, 63 en Margaret Wilson, 18 jaar(!) in 1685, vastgebonden aan palen, verdronken in de opkomende vloed. Waarom? Zij wilden alléén Jezus Christus erkennen als enige Hoofd van de kerk, en protesteerden tegen de koning om zijn gezag op te leggen aan de kerk. Gevangenis, marteling en executies viel deze Covenanters ten deel. De kerkhistorie is vol van lijden om het geloof. Tot op vandaag, lees Open Doors.

Overwinnaars?

Zo noemt Paulus ons en zelfs als meer (NBV: wij zegevieren glansrijk). Maar waar slaat dit op? Lijken die beide vrouwen niet veeleer losers? En ervaren wijzelf ons geloof zo zegevierend? Zijn het niet veeleer zorgen die onrustig maken? Om de toekomst van geloof en kerk? En dan al dat leed wereldwijd en dichtbij of zelfs persoonlijk ervaren? Paulus, waar heb je het over? In elk geval niet over geloof dat geen vragen kent of alle angsten wegwuift. Paulus stelt het lijden breed aan de orde. Een schepping die zucht… Het kost weinig moeite dat in te vullen, gezien alle wereldnieuws… Zeker, hij weet ook van reikhalzend uitzien naar een andere tijd. Die komt vast en zeker, en is bron van onze hoop. Maar voorlopig is dat lijden er. En gelovigen hebben daar net zo goed deel aan. We leven in dezelfde wereld.

Om uwentwil

Daar komt bij wat je kan overkomen juist als christen! Paulus spreekt uit ervaring. Hier noemt hij tegenspoed, vervolging en ander onheil. Hij citeert Psalm 44 waar Israël zucht van ellende: Om U worden we gedood, gerekend als slachtschapen. En uitroept: God, sta op, verlos ons! Zo diep in ellende kun je, ook als gelovige terecht komen. Dan zing je niet zo gemakkelijk! Hooguit met brok in de keel of door tranen heen.

En toch!

En dan toch: meer dan overwinnaars! Hoe is dit mogelijk? En niet ondanks alle nood maar er midden in! Wat is het geheim daarvan?
Voor Paulus zit dit in: Jezus! Hoe zien wij Jezus? Als wijze liefdevolle maar miskende rabbi van amper 30 die stierf aan een kruis? Voor velen – toen en nu – een loser? Paulus ziet Hem anders. Hij ziet Jezus als Gods zoon, Gods liefde in hoogsteigen persoon! Die liefde leek dood te bloeden aan het kruis. Einde verhaal? Nee, zijn liefde voor ons ging door! [Rom.8:35]. Sterk als de dood is de liefde, zegt Hooglied. Maar Christus’ liefde bleek sterker, zegt Pasen!. En nu in de hemel als Heer, onaantastbaar dus, pleit Hij voor ons. Tegen alle machten in die ons bedreigen en kunnen doden en waartegen wij niet opgewassen zijn, staat Hij voor ons in en komt Hij voor ons op…

In ons zelf dikwijls verliezers. En toch bijzondere winnaars. Niet in eigen kracht. Maar dankzij Jezus’ sterke onverbreekbare band: zijn liefde. Dat mag je in geloof je toe-eigenen. Want zó is het bedoeld: als bron om uit te leven. Dat was het voor die vrouwen in Wigtown, van wie één een meisje nog. Zo was het voor zovele getuigen, vroeger en in veel landen ook vandaag.

Dat wil het ook voor ons zijn. Elke dag al mogen we delen in Jezus’ liefde. Zij houdt ons vast door alles heen, zelfs in de dood. Als we dat vasthouden dan blijft er alle reden tot een lied. Misschien soms door tranen heen, en tóch: een lied van overwinning!

Wat kan ons schaden, wat van U scheiden, Liefde die ons hebt liefgehad? [Lied 675]

Ds. Teun Vrolijk