Deze belijdenis heeft iets van een zonnestraal op een zwaarbewolkte dag. U weet wel: zo’n dreigende lucht. Steeds vallen er zware buien. Maar opeens breekt de zon door. Alles ziet er meteen nders uit. Kleuren líchten op, en zelf ádem je op. Het is slechts even, maar toch … Zoiets is het ook bij Job. Onverwachts breekt het geloofsvertrouwen door, terwijl het in zijn leven zwaarbewolkt is, ja crisis! Toch een streep zonlicht uit de hemel. Job was iemand die door de ene na de andere slag getroffen werd: zijn bezit kwijtgeraakt, maar liefst al zijn kinderen verloren, terwijl ook zijn gezondheid ernstig is aangetast. Hoe komt een mens hier ooit door heen? Geen wonder dat Job als één brok ellende op de puinhopen van zijn leven zit. Innerlijk wordt hij verscheurd door twijfel aan God en Diens leiding. Alleszins begrijpelijk in zo’n crisissituatie …

Er komt nog bij dat vrienden afstand houden. Zelfs van zijn eigen vrouw krijgt Job geen steun. Vergeet niet dat ook zij veel te verstouwen heeft. Maar dan breekt plotseling toch het geloof in de levende God door bij Job! Volgens de satan zou het met zijn geloof gedaan zijn als het hem niet langer voor de wind zou gaan. Het zou Job immers niet om de  Heere Zelf begonnen zijn, maar alleen om wat God hem allemaal aan voorspoed gaf. Maar te midden van die enorme crisis blijkt het tegendeel. Jobs geloof lijdt geen schipbreuk. Dat is ten diepste niet aan hemzelf te danken, maar aan  zijn God Die – dwars door alles heen – als een trouwe Herder over hem waakt. Zo komt het tot een Paasbelijdenis in
de crisis: ‘Want ik weet: mijn Verlosser leeft!’

Ook wij beleven momenteel een ongekende crisistijd. Wereldwijd wordt het leven door het coronavirus beperkt. Velen hebben geliefden verloren. Anderen verkeren wekenlang in spanning als er familieleden op de IC verpleegd worden. Wat is het ook ingrijpend dat we elkaar niet kunnen bezoeken. Zorgcentra zijn gesloten. Gezinnen zijn ontregeld nu
kinderen niet naar school gaan. Zo kunnen er ook financiële zorgen zijn. Meer dan ooit beseffen we onze nietigheid en kwetsbaarheid. Het kan ons angstig en onzeker maken. We vierden dit jaar Pasen terwijl het ‘zwaarbewolkt’ is. Maar Jezus’ opstandingslicht is krachtig genoeg om door alle donkerheid heen te breken. Zodat we Job bijvallen: ‘Ik
weet, mijn Verlosser leeft’. En omdat Hij de Levende is, is Hij met mij bewogen, en zal Hij Zich over mij ontfermen. Ik zie het niet, maar ik geloof het wel.

Het is van Job inderdaad al een soort Paasbelijdenis. Dé Verlosser bij uitstek is immers onze Heere Jezus Christus. Hij leeft nadat Hij dood is geweest. Alle machten van de duisternis heeft Hij overwonnen. De schuld van de zonde is door Hem verzoend. Voor Hem is geen crisis te groot. Je bent voor Hem ook nooit té gebonden, té zondig, té opstandig, té
ongelovig, té vastgelopen. Het kan maar zo gebeuren dat de levende Jezus je leven binnenkomt, misschien wel tijdens het lezen van deze meditatie. Tot je eigen verwondering zeg je het met Job mee: ‘Ik weet, mijn Verlosser leeft’. O ja, het is een weten tegen alles in! Maar dat is juist eigen aan het weten van het geloof. En je vindt rust in de Opgestane Die
leeft. Ook in een tijd van crisis. Inderdaad – een zonnestraal dwars door zware bewolking heen. Daar leeft een mens van op. Nu, en zelfs eeuwig.

J.C. Schuurman