Het zijn vreemde tijden. Ik loop als geestelijk verzorger voor het eerst in een uniform in het ziekenhuis rond. Een fris wit pak dat mij een stukje extra bescherming biedt bij mijn dagelijkse ronde op de corona afdeling. Het is gek hoe het werkt, maar ergens voel ik me ook hierdoor nog sterker verbonden met het ziekenhuis en mijn collega’s. Verbondenheid is een belangrijk thema in deze corona-crisis dat ik overal tegenkom. In de media, in mijn familie- en vriendenkring en hier op de afdelingen. De sfeer in het ziekenhuis is echt anders dan normaal en kenmerkt zich door grote contrasten: op verschillende afdelingen hectisch en heftig en op andere afdelingen en in de grote hal onwerkelijk rustig.

Ik vind het moeilijk om woorden te vinden om te beschrijven wat er gaande is. Vele vanzelfsprekendheden zijn weggevallen, we bevinden ons op onbekend terrein. Er is veel onzekerheid. Er is hard gewerkt om nieuwe zekerheid te krijgen. Op de corona afdelingen is in korte tijd een nieuwe structuur gebouwd. In de chaos van de eerste weken is veel gebeurd. Soms te veel om bij te houden. Aangrijpende momenten, maar ook mooie momenten. Werken onder moeilijke omstandigheden: het contact met doodzieke mensen onderhouden terwijl je helemaal onherkenbaar ingepakt bent. Contact dat altijd gepaard gaat met afstand houden: een aanraking altijd afgeschermd door een latex handschoen, een bemoediging gesproken door een mondkapje, een vriendelijke en meelevende blik door een spatbril heen.

De breekbaarheid van het leven is op een indringende manier aan de oppervlakte komen te liggen. Een breekbaarheid die ons allemaal aangaat, die ons daardoor allemaal verbindt. Gewoonlijk weten we die door onze zorg en deskundigheid, door controle en dadendrang op afstand te houden. En zeker in ons ziekenhuis, waar zo vaak geldt: ‘geen woorden maar daden’. Maar wat nu als je geen daden meer kan verrichten, maar moet afwachten met een onzeker beloop van een nieuwe ziekte? Als ook woorden geen troost meer bieden?

De afgelopen weken is ondanks die onzekerheid hard gewerkt om staande te blijven. Om de toename van corona-patiënten op te kunnen vangen. Om zorg in de frontlinie te kunnen bieden. Nu lijkt daar verandering in te komen. De structuren staan; adrenaline heeft z’n werk gedaan. Het gevreesde zwarte scenario lijkt afgewend te zijn.

Nu komt langzaam meer rust, maar voelen we ook de verslagenheid van de afgelopen tijd. Juist nu is het van belang om nog meer naar elkaar uit te zien. Om beetje bij beetje te verwerken wat we hebben gezien en meegemaakt. Om na te voelen wat we hebben kunnen doen of juist niet hebben kunnen doen. Dat is niet altijd makkelijk. Indringende ervaringen worden altijd hoogstpersoonlijk beleefd en laten zich niet makkelijk overdragen aan anderen die dit niet meegemaakt hebben. Daar is geduld en begrip voor nodig. En het zoeken naar de juiste woorden die weer ruimte geven. Misschien geldt nu wel: ‘ook woorden zijn daden’.

Dat kan alleen als we oog houden voor elkaar en een luisterend oor. Door naast elkaar te blijven staan en te luisteren naar wat we hebben meegemaakt in al die kleine en grote verhalen. Zodat we veerkrachtig kunnen blijven in de onzekere tijd die nog gaat komen.

Martijn Rozing, geestelijk verzorger