Begin oktober was het Week tegen Eenzaamheid. Door het hele land is er jaarlijks een week lang extra aandacht voor eenzaamheid. Eenzaamheid verdient onze aandacht. Daarbij gaat het er natuurlijk om wat we tegen eenzaamheid kunnen doen.

Ondertussen beseffen we dat er in deze wereld altijd eenzaamheid zal blijven. Zoals er ook altijd armoede blijft. Jezus zei: ‘de armen zijn altijd bij jullie’ (Matteüs 26:11). Dat is natuurlijk geen vrijbrief om er weinig of niets aan te doen. Je kunt in Jezus’ woorden onder andere horen dat armoede onze blijvende aandacht verdient, omdat het er altijd is. Dat geldt ook voor eenzaamheid.

Aandacht geven kan een mens wel uitgeput maken. Om dat tegen te gaan, of liever te voorkomen, heb je een andere bron nodig waar je uit kunt putten. Jezus biedt zichzelf aan als een onuitputtelijke bron van water dat leven geeft (Johannes 4:14). Daar vraagt Hij onze aandacht voor, tussen al het andere dat aandacht vraagt. Tegen zijn leerlingen zegt Hij in die tekst over de armen die we altijd bij ons zullen hebben: ‘maar Ik zal niet altijd bij jullie zijn’. Daarmee vraagt Jezus ons eerst aandacht voor Zichzelf, die zijn leven voor ons gaf.
Juist van Jezus zelf, die zich helemaal geeft, kunnen we leren dat je jezelf niet moet willen opofferen.

Ja, Jezus geeft zichzelf als offer aan God en mensen. En zoiets wordt in de Bijbel ook van ons gevraagd (Romeinen 12:1). Maar dat betekent niet dat je jezelf moet laten opbranden voor de goede zaak. Je wordt uitgenodigd om jezelf aan God aan te bieden, om je leven met alles wat je wel en niet in de hand hebt, úit handen te geven en de bron van Góds aandacht en liefde aan te boren.

Hoe kan Gods bron-tegen-eenzaamheid in je gaan stromen? Verrassend genoeg: door regelmatig zelf de eenzaamheid op te zoeken. Dat is in ieder geval Jezus’ eigen geheim. Het is ongelofelijk hoeveel aandacht Hij kon opbrengen voor de mensen die hem maar achterna bleven lopen, voor ieder mens die zijn aandacht vroeg. En dat terwijl Hij zich voorbereidde op zijn eigen eenzame lijdensweg. Maar juist om zich aan mensen te kunnen geven, om het isolement van arme, zieke en verguisde mensen op te heffen, zocht Jezus regelmatig zelf de eenzaamheid op: ‘Hijzelf trok zich geregeld terug op eenzame plaatsen om er te bidden.’

Aan de ene kant kunnen juist de mensen om je heen, met het appèl dat ze op je doen, je energie geven. Als medemensen kunnen we voor elkaar een bron van energie zijn: niet alleen door aandacht te geven, maar ook door aandacht te vragen. Aan de andere kant heb je als mens niet genoeg aan elkaars aandacht en energie. Voor elkaar blijven we ten diepste ook eenzaam. Wie kent je echt helemaal, wie heeft er aandacht voor alles wat er in je omgaat? Wat wil je er zelf trouwens wel en niet van prijsgeven? Het hoort bij ons mens-zijn dat we allemaal ergens een eenzame ziel zijn.

Van Jezus kun je leren je eigen eenzaamheid niet te ontvluchten maar er aandacht voor te hebben en de eenzaamheid ook regelmatig op te zoeken. Je bent namelijk niet aan je eenzaamheid overgeleverd. God laat zich daar vinden, en Hij kent je echt. Je kunt jezelf en wie jouw aandacht vragen allereerst onder zijn aandacht brengen. Zoek zoals Jezus geregeld de eenzaamheid op: om te bidden.

ds. Gerben van Manen